De drugsbusiness in de Brusselse kanaalzone


Johan Leman, 21 november 2025

Ik beweer geenszins dat ik het onderwerp ‘drugsbusiness’ volledig beheers. Verre van. Maar ik wil graag een indruk geven – een juiste of onjuiste – van wat ik tussen 1981 en 2025 meen te hebben zien gebeuren op het gebied van drugshandel in  de Brusselse kanaalzone. In werkelijkheid zag ik vanaf mijn eerste werkdag in het Foyer drugsdealers in het kanaalgebied.

In de jaren 80 waren het jongeren die dealden en consumeerden. Meestal ging het om hasj. De drugs werden vanuit Marokko (vaak uit de regio Al Hoceïma en omgeving) via Frankrijk geïmporteerd. Roubaix werd vaak genoemd als laatste bevoorradingspunt. In de Maritiemwijk waren enkele depots voor ‘grossisten’.

Het Vormingscentrum Foyer vzw, een opleidingsproject ‘deeltijdse vorming’, was in zijn beginjaren een project dat inspeelde op de behoeften van een klein maar reëel deel van deze jongeren. Hun ‘madame’ verplichtte hen een plek te vinden waar ze konden aantonen dat ze overdag van de straat wegbleven en lessen volgden. Het ging om jongeren voor wie het reguliere onderwijs geen oplossing bood. Er bestond een alternatief cursusaanbod. Ze mochten tijdens de uren geen drugs en ook geen mes, laat staan een ander wapen bij zich hebben. Later werd dit project door de Vlaamse regering geschrapt. Je moet wel erg wereldvreemd zijn, als minister of als administratie, om te denken dat je deze jongeren rechtstreeks weer in het onderwijs kunt integreren zonder daar enorme problemen te veroorzaken. Dat terzijde. Onlangs sprak een politiecommissaris me aan omdat hij nu nadenkt over de mogelijkheid van een soortgelijk project.

Rond 2000 zag ik een Albanese maffia opkomen die een soort structuur begon aan te brengen in de drugshandel in Brussel: met een hiërarchie, een leiderschap, luitenanten, groothandelaren, verspreiders  (je weet wel: die met hun steps of in de auto), grotere en kleinere dealers, en jonge uitvoerders die wat geld verdienden door te helpen.

De laatste jaren lijkt er concurrentie te zijn ontstaan vanuit niet-Albanese maffia-kringen… zowel uit Antwerpen als uit Marseille. Dit heeft geleid tot territoriale conflicten.

Als ik de zichtbaarheid van de drugshandel in de jaren 80 vergelijk met die in 2025, is het verschil opvallend. Er is duidelijk meer maffieuze professionalisering, sneller een beroep op geweld en een gevaarlijker type wapens.

We zullen vanaf volgend jaar geconfronteerd worden met een verarming van veel gezinnen. Ik hoop dat de overheden begrijpen dat zoiets opportuniteiten creëert voor maffias. De aanpak moet kordaat, concreet en snel zijn, waarbij een onderscheid gemaakt wordt tussen de top en het middenkader van de maffieuze structuur (waar strenge repressie een noodzaak is) en het loopvolk (waar preventie en alternatieven gewenst zijn). En wellicht moet men ook de consumenten van de drugs beter informeren over de ernst van wat aan het gebeuren is.

 

Terug