Politie en jongeren: de dialoog (1)


Johan Leman, 21 mei 2026

Drie bevindingen uit enkele van de eerste gesprekken tussen politie en jongeren in museum MMM (mmm.brussels), naar aanleiding van het project over ‘politie en jongeren’, opgestart door commissaris Didier Demelin.

Bij elk van de samenvattingen die ik geef, kan men terecht opmerken dat niet alles wat in dit verband gebeurt, daartoe te herleiden valt. Complexe realiteiten kan men niet in drie zinnetjes verklaren. En wat hier geschreven staat, kan niet alles verklaren… maar, laten we zeggen dat het vaak meespeelt.

  1. Voor veel jongeren is het appartementje waar ze wonen niet hun privé-ruimte, want ze zijn er enkel ’s avonds laat om te slapen. Na school bevinden ze zich op straat, want er is geen plaats aan huis. De straat wordt hun privé ruimte. De straat wordt van hen, in hun ogen.

Wanneer de politie tussenkomt op straat, dringt ze in het aanvoelen van de jongeren hun privé ruimte binnen. Dit kan tot spanningen leiden. De politie moet dit beseffen, niet om zich terug te trekken, maar om zich daar dus zeer professioneel en respectvol te gedragen.

  1. Er ontstaan bubbels van waaruit over elkaar geoordeeld wordt. Wanneer een politieagent een negatieve ervaring opdoet met jongeren, zijn de collega’s zijn uitlaatklep. Maar hetzelfde gebeurt onder jongeren na negatief contact met de politie. Er ontstaan clichés over ‘de’ jongeren en ‘de’ politie.
  2. Het is niet door bevriend te worden met dealers (of te doen alsof…) dat jeugdwerkers een positieve invloed hebben op de problematiek. Ze moeten ook geen klikspanen worden voor de politie. Iedereen moet gewoon binnen zijn beroep correct handelen.

Uiteraard valt er nog veel meer uit de gesprekken te leren, maar daar gaan we later nog wel even op in.

Terug